Emancipatie

Een belangrijke doelstelling van UvA Pride is om op de universiteit een tolerant, vrijzinnig en open-minded klimaat te promoten, ook als het gaat om seksualiteit en gender. We willen dat LGBT’s die aan onze universiteit werken of studeren zich net zo prettig en thuis voelen als de rest.

En op dit vlak hebben we al veel bereikt:
Vruchtbare discussie over diversiteitsbeleid (30-01-2010)
Intreeweek dit jaar met ‘roze randje’ (01-09-2010)
UvA gaat seksuele diversiteit benadrukken (02-11-2010)
FNV-conferentie: diversiteitsbeleid heeft nut (26-11-2010)
LGBT’s prominenter in UvA-communicatie (28-03-2011)
Van der Toorn geeft transgender nieuwe bul (08-04-2011)

Toch krijgen we nog vaak de vraag: emancipatie aan de UvA, is dat nou nodig?

Graag leggen wij daarom uit wat ons motiveerde om een emancipatiebeweging te starten, en wat onze doelstellingen precies zijn.
De acceptatie van homoseksualiteit is in Nederland de laatste decennia gegroeid. Onderzoeken laten zien dat de steun voor gelijke rechten en vrijheden voor homo’s bijna nergens zo groot is als in Nederland. Toch kunnen we niet zeggen dat de homo-emancipatie hier nu ‘af’ is. Dezelfde onderzoeken laten namelijk zien dat Nederlanders over het algemeen grote moeite hebben met bepaalde uitingsvormen van homoseksualiteit. Homojongens die zich vrouwelijk of extravagant uiten, of op een andere manier hun homoseksualiteit laten zien (door bijvoorbeeld in het openbaar te zoenen of elkaars hand vast te houden), kunnen op veel weerstand rekenen, van hetero’s, maar ook van homo’s zelf.

Het dominante idee lijkt te zijn: het is ‘okay’ als je homo bent, maar graag niet te vrouwelijk, niet te opzichtig, niet te vrij. Met andere woorden: homo’s worden vooral geaccepteerd als zij in hun gedrag zoveel mogelijk op hetero’s lijken en vooral niet duidelijk laten merken dat ze homo zijn. Dit wordt ook wel heteronormativiteit genoemd. Is dat ware acceptatie te noemen?
Voor lesbiennes, biseksuelen en transgenders gelden soortgelijke heteroseksuele normen. Deze groepen zijn daarbij nog eens een stuk minder zichtbaar in de samenleving, waardoor hun emancipatie verder bemoeilijkt wordt.
Homo-, bi- en transseksualiteit staan dus ook nu nog altijd op gespannen voet met diepgewortelde en alomtegenwoordige denkbeelden over seksualiteit, mannelijkheid en vrouwelijkheid. Dit is een breed maatschappelijk probleem dat ook studenten en medewerkers aan de UvA raakt.

UvA Pride maakt momenteel afspraken met het bestuur van de UvA om de aandacht voor seksuele diversiteit in de communicatie te vergroten. We zetten ons ook in voor diversiteitstrainingen voor leidinggevenden. Daarnaast maken we afspraken met studentenverenigingen om homoseksualiteit ook daar een zichtbaardere plek te geven. Met de organisatie van de Intreeweek, de jaarlijkse introductieweek voor studenten, hebben we afgesproken dat seksuele diversiteit explicieter aan bod komt, bijvoorbeeld door kennismakingsspellen aan te passen en door het toevoegen van homokroegen aan de bekende kroegentocht. Ten slotte gaan we natuurlijk onverminderd door met het organiseren van borrels, discussies, filmavonden en lezingen voor LGBT’s.

Emancipatie voor medewerkers

Onderzoeken laten zien dat LGBT-werknemers in Nederland nog aardig wat problemen ervaren. Eén op de vier homoseksuele vrouwen en één op de drie homoseksuele mannen komen niet uit de kast op het werk. Opzichtige discriminatie van homoseksuelen komt gelukkig weinig voor, maar opmerkingen en zogenaamde grapjes veel meer. Voor transgenders is de situatie nog lastiger. Zij hebben vaak moeite met het vinden en houden van een baan. Ook durven zij doorgaans niet op het werk uit de kast te komen.

De situatie is het slechtst op werkplekken waar de zichtbaarheid van homo-, bi- en transseksualiteit minimaal is. UvA Pride zet zich daarom in voor een zo open en tolerant mogelijk werkklimaat aan de UvA, waarin ook LGBT’s vanzelfsprekend zichtbaar aanwezig zijn en gemakkelijk met elkaar in contact kunnen komen.

Emancipatie voor studenten
Op de meeste middelbare scholen in Nederland is ‘homo’ helaas nog altijd eerder een scheldwoord dan een geaccepteerde seksuele voorkeur. Gemiddeld komen jongeren uit de kast rond de tijd dat ze aan de universiteit gaan studeren. Daarom moet het voor de nieuwe lichting studenten elk jaar glashelder zijn dat de cultuur op de UvA anders is, en dat ze hier met een gerust hart uit de kast kunnen komen.
Voor studenten kan het prettig zijn om een plek te hebben waar ze andere LGBT-studenten kunnen ontmoeten. Ook kan het een veilig gevoel geven om uit de kast te komen op een universiteit waar niet alleen ‘gewone heteroseksuele jongens en meiden’ de norm zijn, maar waar ook LGBT’s vanzelfsprekend zichtbaar aanwezig zijn.